Tracingarchief WOII verhuist

Eén van de Rode Kruisdiensten die bij het grote publiek soms minder bekend is, is de dienst Tracing. Tijdens oorlogen of na grote natuurrampen, komen mensen vaak in België terecht zonder hun familie. Als ze iemand kwijt zijn geraakt, kunnen ze beroep doen op de dienst Tracing van het Rode Kruisnetwerk. Zij sporen vermiste personen op en herstellen het contact. Dit jaar viert de dienst in Vlaanderen zijn 75ste verjaardag.

In Bad Arolsen, in Duitsland, werd op 29 november het archief van de Internationale Tracing Service (ITS) overgedragen aan de Duitse Federale Archieven (Budesarchieven). De overdracht wordt officieel op 1 januari 2013.

Dit archief bevat meer dan 50 miljoen fiches, in verband met 17,5 miljoen mensen die vervolgd werden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dit archief is historisch bijzonder waardevol maar sedert de oprichting wordt het gebruikt  om op vraag van familieleden mensen op te sporen.

Zo was er recent het verhaal van George Jaunzemis, een 69-jarige man die pas in 2011 zijn echte naam en de identiteit van zijn biologische ouders ontdekte. George werd geboren als Peter Thomas als zoon van een Duitse moeder en een Belgische vader (die als dwangarbeider in Duitsland werkte).  Na de Tweede Wereldoorlog werd hij door zijn ouders meegenomen naar België, maar Peter en zijn moeder als vreemde onderdanen verbleven  drie maanden  in een kamp. Tijdens een verhoor vertrouwde zijn moeder Peter toe aan een Letse medebewoonster, Anna Rause, die echter samen met het kind het kamp ontvluchtte. Zij noemde het kind George en nam hem, na omzwervingen door Europa, meer naar Nieuw-Zeeland.  Daar groeide Peter/George op, zonder ooit de waarheid rond zijn achtergrond te kennen.

Ondertussen zochten de biologische ouders in België, samen met de Belgische en internationale overheden, jarenlang naar hun zoon. Nadat Anne Rause stierf, deed Peter/George opzoekingen naar haar (en zijn eigen) oorlogsverleden. De Rode Kruis Tracingdiensten in Letland en België, samen met het Archief van de Internationale Tracing Dienst in Arolsen, bracht de waarheid aan het licht. Iedereen die bij de zaak betrokken was, stond echter stomverbaasd toen bleek dat de biologische vader van Peter/George nog leefde. Zijn hoge leeftijd en mentale gezondheidstoestand maakte een hereniging niet mogelijk, maar de opluchting om eindelijk te weten wie hij echt was, was wel groot.

Ook na de overdracht van het archief van de Internationale Tracing Service, blijven de beginsels van de Rode Kruis Tracingwerking uiteraard ongewijzigd: weten wat er is gebeurd met een geliefd persoon, is even belangrijk als voedsel of onderdak.

Nieuwsoverzicht

print